Frans Halsema - Ik Mis

Ik mis een gele regenjas, een vinger op het randje van een sherryglas.
Ik mis het wachten op de hoek, en zoals jij daar aan komt in je spijkerbroek.
Ik mis het altijd even plagen met, de haaltjes aan mijn sigaret, en het woordje “kom dan maar”.
Ik mis al elke lange autorit, als jij dan zwijgend naast me zit dat kleine streelgebaar.

En ik heb alles wat een mens maar kan verlangen.
Ik heb een vrouw, ik heb een huis, ik heb een kind.
Maar waarom blijf ik dan aan kleine dingen hangen.
Alsof het leven daarmee pas begint.

Ik mis de kauwgom in je zak, die ik daar altijd terugvind naast je nagellak.
Ik mis een vinger op mijn arm, hij trekt maar een klein streepje en ik voel me warm.
Ik mis ons stiekem in de bioscoop, domweg gelukkig zonder hoop hulp zoekend bij elkaar.
Ik mis de angst dat deze keer misschien, een van ons tweeën wordt gezien en denken was ’t maar waar.


Want jij hebt alles wat een mens maar kan verlangen.
Je hebt een man, je hebt een huis, je hebt een kind.
En waarom dus aan kleine dingen hangen.
Alsof het leven daarmee pas begint.

Ik mis je gele regenjas, waarop wat tranen gingen naast sigarettenas.
Ik mis het woordje lieveling, dat zeggen moest je weet dat dit zo niet meer ging.
Ik mis de stem die er nu niet meer is, om te beamen wat ik mis, de nagel in mijn hand.
Die nagel die wanhopig zei, ik zal je missen en jij mij, m'n lief, m’n misverstand.

Wij hebben alles wat een mens maar kan verlangen.
Een lieve vrouw, een lieve man, een huis, een kind.
De kleine dingen waar we nu aan blijven hangen.
Zijn het geluk waarmee verdriet begint.

Lyrics licensed by LyricFind