Martine Bijl - Er Zijn Daar Geen Meikevers Meer

Er is weinig meer gebleven van het dorp waar ik als kind
Heb gespeeld in zon en regen, met m'n haren in de wind
Waar ik paardebloemen plukte, kwam een onbekende straat
En het karrespoor was daar waar die parkeergarage staat
Hoeveel keren heb ik stiekem rijpe appeltjes gezocht
In de tuin van de pastoor, waar je als kind niet komen mocht -
En niet een van al mijn vriendjes durfde doen wat ik toen deed
In het meikeverseizoen ving ik daar kevers bij de vleet
'k Ging er elke dag na schooltijd met mijn schoenendoos op uit
Boorde gaatjes in het deksel, zo beschermde ik mijn buit
En ik schudde aan de bomen en dan zocht ik in het gras
Met de mooiste resultaten, o en rijk dat ik dan was

refr.:
Als ik nu nog eens op jacht ging
Was het vast de laatste keer -
Er was zoveel om je heen
En dat is allemaal verdwenen
En geen macht op deze aarde brengt het weer
Er zijn daar geen meikevers meer
Er zijn daar geen meikevers meer

En dan ging ik naar m'n vader aan het einde van zo'n dag
En ik toonde hem mijn schoenendoos vol spanning en ontzag
Want mijn vader had verhalen waarbij ik eerbiedig zweeg
Hoe je vroeger voor de kevervangst een vrije middag kreeg
Heel het dorp ging in die dagen eensgezind op keverjacht
Een beloning wachtte hem die er de meeste binnenbracht
En het aantal dat hij noemde was zo onbevattelijk groot
Dat mijn eigen schrale buit een meer dan droeve aanblik bood
Als ik nu nog eens de helft kon vangen van wat ik toen ving
Werd ik dadelijk gekroond tot keverjagerskoningin
Maar geen meikever wil wonen in een stad van grijs beton
'k Zou al heel gelukkig zijn als ik er eentje vinden kon

refr.

Ach - het is allang voorbij en echt belangrijk is het niet
Maar toch schrijf ik op een berkeblad dit kleine keverlied
En de kinderen die het horen zullen glimlachen misschien
Want ze hebben van hun leven nooit een meikever gezien
En zo zullen zij nooit weten hoe die krabbelt, graaft en bromt
Hoe hij in de late schemering pas goed tot leven komt
Hoe hij vliegt met z'n antennes als een waaiertje gespreid
Hoe hij woont in de kastanje of in 't groene grastapjt
Hoe hij trots en glimmend rondzoemt met het zonlicht op z'n schild
Hoe hij dommelt op het land dat in de zomerhitte trilt -
Maar hun leven is geeindigd en voorbij hun korte uur
En we zullen ze misschien wel achterna gaan op den duur

Als ik dan nog eens op jacht ging
Was het vast de laatste keer
Er was zoveel om je heen
En dat is allemaal verdwenen
En geen macht op deze aarde brengt het weer -
Er zijn daar geen meikevers meer
Er zijn daar geen meikevers meer

Lyrics licensed by LyricFind

Wijzigen Zit er een fout in de songtekst? Wijzig hem dan nu!